Hoofdstuk 37 – Drugsgeld

1.092 woorden

Tijd om te lezen:

5–7 minuten

Claire heeft een gesprekje met haar baas. Hij schiet haar twee maanden salaris voor. Samen met het spaargeld van de bank heeft ze een aardig bedrag bij elkaar.

Lisa verkoopt aan haar bazin enkele kostuums die de vrouw al heel lang wil hebben. Mimi vraagt ook een voorschot aan haar baas en krijgt het. De geldstapel op tafel groeit.

Jean Paul heeft nog wat geld tegoed van een kennis en nog voor een karwei bij een klant. Beide gaat hij innen, terwijl Noa of Marc om de beurt op hun ‘gast’ passen.

Het lukt Noa om nog wat schoenen te verkopen voor veel geld en Marc komt ook met een aardig bedrag terug. De stapels worden weer hoger.

Alleen Lana heeft geen rode cent en ook niks tegoed van iemand dat ze kan innen. Dat vindt niemand erg, behalve Lana zelf. Het valt Jean Paul ineens op dat ze bijzonder stil is en ziet haar verdriet. Hij staat op om haar te troosten. Met een gezicht vol tranen roept ze uit: “Ik heb geen rode cent om te helpen. Helemaal niks!” Ze verstopt haar gezicht tegen zijn arm. Hij wacht rustig af tot ze klaar is.

Terwijl Lana rustig uithuilt, wordt op de keukentafel het geld geteld. Ze hebben net iets meer dan 15.000 euro bij elkaar gekregen. Mimi zet haar laptopkoffer op tafel om het geld in op te bergen. Ineens krijgt Lana een idee, ze veert op. “Zal ik die kandelaars uit de oude koffer uit de kelder gaan verkopen bij iemand waarvan ik weet dat die ze heel graag wil hebben?”

Iedereen stemt in. “Vraag je er lekker veel geld voor?” vraagt Claire?

“Reken maar,” zegt Lana zelfverzekerd. Ze staat op om de kandelaars uit de kelder te gaan halen.

Claire kijkt Danni strak aan. “Om jou te helpen met het afbetalen van jouw schuld, moeten wij de komende maanden op een houtje bijten met zo weinig geld over. Je zult hier niks aan overhouden, het spijt me.”

“Hopelijk krijg je nu iets meer vertrouwen in gewone mensen,” voegt Lisa aan.

Danni voelt zich al schuldig genoeg en stemt overal mee in. Hij belooft ooit het hele bedrag terug te betalen. Danni blijft voorlopig logeren en krijgt Noa’s bed. Een van de mannen blijft steeds bij hem. In de huiskamer wordt een bed opgemaakt voor degene die niet hoeft te babysitten.

De geldkoffer gaat met Claire mee naar boven, voor de zekerheid.

Na een beschrijving horen ze van Danni dat Flora en Frits inderdaad voor de drugsbaas werken. Vol spanning en blij dat ze weer wat kan doen om te helpen, belt Lana haar zusje op om een afspraak te maken met de drugsbaas.

Toevallig zit Flora naast Frits op de bank in zijn huis. Al gauw neemt hij het gesprek over, waarop Lana de telefoon naar Jean Paul schuift. Na wat uitleg stemt Frits ermee in om Noa en Marc morgen in café De Brave Hendrik te ontmoeten.

De volgende ochtend zien Noa en Marc hem zitten aan een tafeltje in de hoek van het café in de kroeg in de stad. Het is een gezellig café met oude prenten aan de muur en een kaars op tafel. ‘Hé,’ denkt Marc, ‘die kandelaar ken ik.’ Even later ziet hij op een zijtafel de andere staan. Frits heeft al koffie voor zich staan, dus hij zit hier al even. De serveerster komt langs en ze bestellen bij haar ook ieder een koffie. Het is nog vroeg op de dag, dus de serveerster is snel terug met de bestelling. Stil verdwijnt ze weer. Noa neemt geïrriteerd de kandelaar op tafel op en zet hem bij de andere op de zijtafel. Het ding staat in de weg en de tafel is al erg vol.

Beide mannen proberen Frits uit te horen over de drugsbaas, maar de man laat niet veel los.Ze vertellen dat ze de schuld van Danni willen betalen, omdat hij niet in staat is dat zelf te doen. De waarheid is dat ze Danni niet met hun geld vertrouwen en dat ze hem er daarom buiten laten, maar dat kunnen ze niet zeggen.

Ineens lijkt Frits een knoop door te hakken. Hij neemt iets uit zijn jas en houdt het onder de tafel. Bang dat de ander een pistool heeft getrokken, staat Noa meteen strak. Zijn hand hangt al boven de broekzak met zijn jachtmes. “Rustig aan,” mompelt Frits, “niets aan de hand. Kijk tussen mij en de tafel alsjeblieft.” Hij kijkt hen dwingend aan. Argwanend volgt Noa zijn blik en ziet een politiepenning in leren etui. De ogen van de balletdanser worden groot als hij de politiepenning ziet.

“Ik geloof je niet,” zegt hij argwanend.

“Toch is het zo,” weerlegt Frits. Hij vervolgt zacht: “Ik ben al een hele tijd undercover bij de bende om genoeg bewijsmateriaal te verzamelen om de hele bende op te rollen. In feite ben ik de rechterhand van de grote baas. Met jullie verhaal en getuigenis kunnen we de zaak afronden. Hierna ben ik weer gewoon rechercheur.”

“Daar zal Lana blij mee zijn,” glimlacht Marc.

“Flora niet, ben ik bang,” zegt de politierechercheur met een wrange glimlach. “Ik vrees dat ze bij me weggaat als ze erachter komt. Het is jammer, want ik ben gek op die meid.” Hij grijpt in zijn jasje en haalt zijn telefoon tevoorschijn. Hij zoekt er wat op rond en toont een foto van Flora op een galafeest. “Ik werd spontaan verliefd op haar toen ik haar op dat galafeest zag. Haar stralende open gezicht en ze had een jurk aan met een split tot aan haar middel.” Hij zucht.

Noa en Marc kijken belangstellend.

“Ze is net zo mooi als Lana,” zegt Marc met een grijns. “Lana zal je wel helpen, want die is veel te blij dat je geen drugshandelaar bent,” zegt Marc zacht.

“Vertel eens waarom Danni niet zelf hier zit, maar jullie.”

Samen vertellen ze alles wat er gebeurd is. Over de ontvoering van Mimi, haar bevrijding en over Danni.

“Die maat van jou is het zoveelste chantage slachtoffer van de bende. De baas huurt een professionele zakkenroller om de pakketten ‘kwijt’ te maken,” vervolgt de rechercheur. “Op die manier hebben ze altijd genoeg mensen die voor hen rennen. Ik denk dat we elkaar wel kunnen helpen,” besluit Frits met een knik naar hen.

“Dat denk ik ook,” zeggen Noa en Marc blij tegelijk. Ze kijken elkaar even aan en buigen wat dichter over de tafel naar hun nieuwe vriend. Ze gaan een plan bedenken om de hele bende in een keer op te rollen.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *